Klimaatakkoord luidt einde tijdperk van fossiel in

Vanavond is het Verdrag van Parijs definitief tot stand gekomen. Het betekent dat het Kyoto Protocol eindelijk een opvolger krijgt. Dit akkoord, gesloten op de klimaattop in Parijs, is de grootste stap op klimaatgebied in twintig jaar en betekent het einde van het fossiele tijdperk.

GroenLinks-fractieleider Jesse Klaver zegt over het akkoord: “Dit klimaatakkoord gaat de wereld veranderen. Het is de grootste stap vooruit op klimaatgebied in twintig jaar. Dat is cruciaal voor de transitie naar een mondiale duurzame economie en geeft burgers en bedrijven die voorop willen lopen op het gebied van duurzame innovatie en investeringen de zekerheid waar ze al jaren om vragen. Parijs laat zien dat als alle landen in de wereld samenwerken we de grote problemen van onze tijd het hoofd kunnen bieden.”

In 2020 zal het 'Verdrag van Parijs' in werking treden. Nu zijn het 37 landen die actie moeten ondernemen tegen klimaatverandering, straks zullen het er zo een 195 zijn. GroenLinks-Europarlementariër Bas Eickhout volgt de onderhandelingen al jaren op de voet.

Eickhout: “Uiteraard had de tekst altijd beter gekund, maar het is een historische stap als vrijwel heel de wereld zich committeert aan het aanpakken van klimaatverandering.”

Het nieuwe akkoord stelt dat we de temperatuurstijging ver onder de twee graden moeten houden. Anderhalve graad moet nagestreefd worden. Dat laatste is noodzakelijk willen we zeker zijn dat er geen eilanden in de zee verdwijnen.

Eickhout: "Deze toezegging houdt in dat de EU meer moet gaan doen. We hebben ons beleid namelijk altijd op een temperatuurstijging van twee graden afgesteld en op de zwaar achterhaalde gedachte dat we de enigen zijn die strijden tegen klimaatverandering.” Klaver voegt toe: “Nederland loopt al jaren achter op klimaatbeleid en zal de pas moeten versnellen. Nu moet ieder land hard aan de slag om ervoor te zorgen dat de doelen die wereldwijd zijn afgesproken ook gehaald worden. De Klimaatwet die Diederik Samsom en ik hebben voorgesteld speelt daar een belangrijke rol bij."

Soepel proces

Opvallend was dat het proces zo soepel verliep. Normaal gesproken zijn er altijd landen die dwars liggen en al bezwaar maken bij het meest onbenullig procedureel voorstel. Deze week is dat volledig uitgebleven. Eickhout: "Dat heeft deels te maken met het feit dat het Franse voorzitterschap het diplomatisch knap gespeeld heeft. Deels. Want als iets helder is geworden in Parijs, is dat heel de wereld beseft dat we klimaatverandering tegen moeten gaan. En dat het snel moet gebeuren."

Bijna 200 landen gaan nationale klimaatplannen uitvoeren. Het nieuwe akkoord is dan ook een steun in de rug voor het duurzame bedrijfsleven. En het zijn niet alleen de toezeggingen in het verdrag die van belang zijn. Eickhout: "De afgelopen week zijn talloze nieuwe initiatieven gelanceerd en honderden miljarden aan geld voor onderzoek en duurzame projecten vrijgekomen. Investeerders die hun troeven op fossiel hebben gezet, zullen zichzelf achter de oren krabben. Het einde van het fossiele tijdperk is een forse stap dichterbij gekomen. De wereld beseft dat het bittere noodzaak is om de aarde en onze kinderen in bescherming te nemen."

Belangrijkste onderdelen in de nieuwe tekst

  • De gemiddelde temperatuurstijging op aarde moet ver onder de twee graden blijven. Landen moeten nastreven om het onder de anderhalve graad te houden.
  • Om deze doelstelling te halen, moeten de wereldwijde CO2-uitstoot zo snel mogelijk pieken. Zowel "decarbonisatie" en "broeikasgasneutraliteit in de tweede helft van deze helft van de eeuw" zijn niet in de uiteindelijke tekst gekomen. De nieuwe formulering laat ruimte aan interpretatie over, maar voor ons komt het neer op netto nul emissies in de loop van de tweede helft van deze eeuw.
  • In 2018 zal gekeken worden in hoeverre de partijen op weg zijn om deze doelstelling te bereiken. Dit is belangrijk want met de huidige nationale klimaatplannen (INDC's) zijn we nog steeds opweg naar een opwarming van drie graden.
  • In 2020 worden landen dan ook opgeroepen om hun INDC's te updaten. Daarna zijn alle deelnemende landen verplicht om elke vijf jaar met een nieuw nationaal klimaatplan te komen dat ambitieuzer is dan het voorgaande. Dit moet in overeenkomst met de "best available science" zijn. De herziening is een belangrijk onderdeel van het verdrag. Het zorgt ervoor dat wereldwijd klimaatbeleid steeds ambitieuzer zal worden.
  • Er is geen directe referentie naar het terugdringen van de CO2-uitstoot van internationale lucht- en scheepvaart. De uitstoot van deze sectoren wordt nu helemaal niet gereguleerd en stijgt hard. Echter, het verdrag stelt dat een "overall mitigation in emissions" plaats moet vinden. Daar vallen lucht- en scheepvaart dus ook onder en dat biedt een opening om de emissies van de beide sectoren aan banden te gaan leggen.
  • Er komt één systeem voor MRV (monitoring, reporting and verification). Iedereen krijgt dus dezelfde regels over de wijze waarop ze moeten toezien op de uitvoering van het nieuwe verdrag en de behaalde resultaten moeten rapporteren en verifiëren. Ook dat is belangrijk. Zodra iedereen een andere methode hanteert is toezicht namelijk stukken moeilijker. De exacte regels moeten echter nog verder uitgewerkt worden.
  • Ontwikkelde landen zullen vanaf 2021 elk jaar 100 miljard aan internationale klimaatfinanciering leveren om de armste landen te helpen met het aanpassen tegen klimaatverandering. Dit bedrag is een minimum, het zal elke keer opgehoogd worden. Bijdragen van opkomende economieën zijn vrijwillig. De 100 miljard eis is uit het verdrag gehaald en in een besluit geplaatst, dat maakt het minder bindend.
  • Wat wel in het verdrag is gebleven en niet naar een besluit is verplaatst, is de tekst rondom onvermijdbare klimaatschade (loss and damage). Dit is een belangrijk onderwerp voor de meest klimaatgevoellige ontwikkelingslanden. Het heeft zelfs een apart artikel. De Verenigde Staten waren bang dat het tot schadeclaims zou leiden, vandaar dat een bijbehorend besluit is toegevoegd dat elke aansprakelijkheid uitsluit.
  • Voordat het verdrag in werking treed moeten 55 landen het geratificeerd hebben, deze landen moeten samen ten minste 55% van de wereldwijde broeikasgasemissies omvatten.
  • Er zit nog een verrassing in de tekst die wellicht voor wat ophef zal zorgen: "no reservations may be made to this Agreement". Dat houdt in dat landen die dit verdrag ondertekenen, alles wat erin staat moeten uitvoeren. Dat kan problematisch zijn voor een aantal Zuid-Amerikaanse landen (Venezuela voorop) die problemen hebben met de handel in emissiereducties. Dat is immers marktwerking.