Israël: apartheid is toch het juiste woord

Europarlementariër Judith Sargentini was in juli op werkbezoek in Israël en Palestina. Ze hield een blog bij en zette foto's op Facebook.

Op de eerste dag van ons bezoek aan Israël en Palestina bezoeken we Hebron op de Westelijke Jordaanoever. We rijden er met een touringcar vanuit Jeruzalem via een aantal checkpoints naartoe, de reisbegeleiding is in handen van Jehudi, oprichter van de NGO Breaking the Silence. Deze organisatie, opgericht door voormalig dienstplichtigen, documenteert verklaringen van Israëlische militairen die in de Palestijnse gebieden werken en hebben daarmee al heel veel mensenrechtenschendingen in kaart gebracht. In Hebron stapt Jehudi uit de bus, en stapt Issa in. Issa is van Youth Against Settlements. Hij is Palestijn en zal ons meenemen de oude stad in. Daar is Jehudi niet welkom.

Hebron is een prachtige oude Arabische stad met een klassieke medina, maar een heleboel pleinen en markten zijn afgesloten voor de bewoners. Er staan grote betonblokken voor en poorten zijn dichtgelast. Joodse kolonisten, settlers, hebben een deel van het centrum ingenomen en om hun veiligheid te garanderen, heeft het Israëlische leger hen een geheel gescheiden stratenpatroon gegeven. Boven op oude huizen in de medina is een gloednieuw dorp verrezen.

We lopen met Issa door de smalle straatjes waar een Palestijnse markt aan de gang is. Boven ons hoofd is een hekwerk aangebracht met netten of kippengaas. In het gaas liggen stenen en vuil. De settlers gooien vanaf hun balkons eieren en urine naar de Palestijnen beneden. Met hevige regenval een paar winters geleden, stroomde opeens het water niet meer weg en bleken de settlers niet alleen boven hun hoofd te heersen, maar ook onder de grond. Ze hadden het eeuwenoude rioolstelsel dicht gezet. De winkeliers in de medina konden hun handelswaar met stevige waterschade afschrijven.

Gesteriliseerde straten

Met een omtrekkende beweging komen we via een sluis van het Israëlische leger aan de andere kant de medina weer uit. Daar staat Jehudi ons weer op te wachten en neemt Issa afscheid, want daar bevinden zich de 'gesteriliseerde' straten van Hebron: straten waar de Palestijnen niet mogen komen. We tonen onze paspoorten aan een militair en lopen van de drukke marktstraten een totaal verlaten stratenstelsel binnen. De huizen en winkels zijn verlaten en de deuren zijn dicht gelast. Dit is het terrein van de settlers. Achthonderd kolonisten in Hebron beperken de bewegingsvrijheid van duizenden Palestijen. Naast de straat die vroeger de doorgaande weg van de stad was, loopt een iets verhoogd voetpad. Daar, gescheiden door een laag hekje, mogen de Palestijen lopen. Niet op de weg waar wij met Jehudi wandelen. Veiligheid zeggen ze, maar dat is een slecht excuus voor zo'n onveilig wandelpad.

Aan het einde van onze geasfalteerde wandeling, treffen we Issa weer. Hij is met een omweg en op een drafje – trapje op trapje af – naar ons toegekomen. Het zweet staat op zijn voorhoofd.
We keren om over de weg, terug naar de bus. Issa trekt weer een sprintje, en is net op tijd om ons uit te zwaaien.

Wetteloos

We rijden verder naar het zuiden. We zijn op de West Bank in area C, landelijk gebied waar de Palestijnse autoriteit niets te zeggen heeft, de Israëlische wet niet geldt en iedereen onder Israëlische militaire wetten valt. Iedereen, behalve de Joodse kolonisten. Ons doel is Susiya, een bedoeïenen dorpje dat bedreigd wordt door ontruiming.

Het is er heet, er is geen schaduw, er scharrelen kippen en vee op de rotsige woestijngrond. Het stinkt er naar watertekort. Gelukkig waait het een beetje. Susiya lag vroeger een stukje verderop. Maar daar werden de resten van een oude synagoge gevonden, en het gebied werd tot archeologische site en natuurgebied verklaard. Daar mogen geen mensen wonen. De bedoeïenen, grotbewoners, moesten vertrekken uit hun zelfgemaakte stenen groten, maar kregen op hun nieuwe stek geen toestemming voor permanente bebouwing. Nu wonen ze in tenten van het Rode Kruis en staat er een caravan van kolonisten midden in de historische opgraving.

De bedoeïenen moeten weer weg, want ze liggen te dicht bij een gemeenschap van settlers die zich pas later dan de bedoeïenen op die plek vestigden. Het aftandse tentenkampje heeft zonnepanelen van een NGO, betaald met Europese subsidie, en watertonnen, ook betaald door Europa. Langs het kamp loopt een officiële Israëlische waterleiding naar de settlers, maar daar mogen de bedoeïenen geen gebruik van maken.

Een dorpje met een speeltuin

Er is ook een klein speeltuintje met schommels, glijbaan en wip. Met dank aan Oostenrijkse ontwikkelingshulp en, ja, de Europese Commissie. Best raar zo'n speeltuintje, maar wel hoogst politiek: een dorpje met een vaste speeltuin, is een echt dorpje. Maarja, omdat het dus wel permanente bebouwing, dus staat het op de nominatie geruimd te worden.

De internationale gemeenschap is kind aan huis in Susiya. Laatst waren alle Europese ambassadeurs er nog, vandaag zijn wij van de Europese groenen er en morgen komt de mensenrechtencommissie van het Europees Parlement. CNN is er ook en interviewt de flamboyante rabijn van Rabbis for Human Rights, die de dorpelingen bijstaat in hun juridisch gevecht.

De volgende dag lees ik in Haaretz dat de ontruiming in afwachting van een uitspraak van het hoger gerechtshof toch is uitgesteld. Later die dag, in een gesprek met een Israëliër, zegt die: “Ligt er by Susiya ook een bedoeïenendorpje? Ik dacht dat het een gemeenschap van settlers was.”

Zoals Europeanen moeite hebben om vernietigende regimes en oorlogen met de holocaust te vergelijken, had ik ook moeite om de term apartheid op andere situaties te plakken. Apartheid in Zuid-Afrika was een uitgedacht systeem van wetten en regels waarbij de blanke bevolking decennia lang de zwarte bevolking onderdrukte, mishandelde, miskende, uitbuitte en wegdrukte in een thuisland.

Apartheid

Israël en Palestina, is dat apartheid zoals ik dat ken uit Zuid-Afrika? Ja, toch wel: gescheiden woongebieden, gescheiden wegen, pasjeswetten, gedwongen ontruimingen, geen toegang tot basis levensbehoeften zoals water en elektra, en telkens nieuwe wetten die de bewegingsvrijheid van Palestijnen verder inperken.

Apartheid is het juiste woord.