Bruins moet duidelijkheid geven over medicijnbereiding door artsen en apothekers

GroenLinks wil van minister Bruins weten onder welke voorwaarden medici en apothekers medicijnen zelf kunnen bereiden als farmaceutische monopolisten torenhoge prijzen vragen.

Tijdens het debat over de initiatiefnota ‘Big Farma’ die GroenLinks opstelde met SP en PvdA vragen Kamerleden Corinne Ellemeet en Lisa Westerveld om helderheid van Bruins. Eind november oordeelde de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd dat ziekenhuizen zelf goedkope medicijnen mogen maken in hun strijd tegen exorbitant dure middelen van de farmaceutische industrie, maar de finale toezegging van de minister ontbreekt vooralsnog.

Dat is vreemd, vindt Ellemeet. ‘Ik ben blij met de positieve uitspraak van de Inspectie, omdat het waarschijnlijk betekent dat ook het kabinet de strijd tegen torenhoge prijzen van de farmaceutische industrie steunt. Maar een toezichthouder legt de kaders niet vast: die bewaakt ze. Dus waar blijft het verlossende woord van deze minister?’

Verder moeten de kaders helder worden waarbinnen de ‘magistrale bereiding’ mag plaatsvinden. ‘Simpel gesteld: de medische gemeenschap moet er mee aan het werk kunnen. Dus ik wil geen lijst met onmogelijke eisen waardoor het op papier wel mogelijk is om als ziekenhuis zelf een medicijn te ontwikkelen, bijvoorbeeld voor patiënten met een stofwisselingsziekte, maar in de praktijk totaal onuitvoerbaar. Dan schieten we er niets mee op. Ik wil dat deze minister zich actief en ondersteunend opstelt, zodat Big Farma ook echt kan worden aangepakt waar dat nodig is.’

Met de initiatiefnota doen GroenLinks, PvdA en SP verstrekkende voorstellen om de greep van grote farmaceutische bedrijven op de ziekenzorg te verzwakken. Ellemeet: ‘In de farmaceutische industrie lopen op dit moment te veel cowboys rond die winst veel belangrijker vinden dan mensen beter maken. De voorstellen die we in deze nota doen met de andere linkse partijen moet gezondheid weer centraal stellen. Ik snap dat medicijnen ontwikkelen geld kost, maar de vergoeding moet redelijk zijn en de mensen moeten voorop staan.’