Congresspeech Van Ojik: Kiezen om te delen

Dit is de volledige speech van Bram van Ojik op het GroenLinkscongres van 3 maart 2013. Lees ook Van Ojik: “Voor eerlijk delen moet je bij GroenLinks zijn”

Ik weet dat jullie hoge verwachtingen van me hebben. Die Van Ojik brengt de rust terug in GroenLinks, hoor ik steeds. Maar die rust is nu wel terug en ik ben niet van plan om verder aan die verwachting te gaan voldoen. We zitten niet voor onze rust in de politiek. De boel moet juist in beweging! Er komen in Nederland elke dag 700 werklozen bij, ongelijkheid neemt absurde vormen aan, we putten de aarde uit als nooit tevoren. Dan is rust niet wat we zoeken. Daar zijn we veel te bewogen voor. GroenLinks wil Nederland juist in beweging, mensen wakker schudden, vooruit helpen, laten zien dat het anders kan en anders moet. Daar gaan we samen voor zorgen.

Acht maanden geleden stond ik hier ook, op ditzelfde podium. Net als drie en twintig andere kandidaten kreeg ik twee minuten om jullie vertrouwen te winnen. Backstage oefenden we onze two minutes of fame alsof we in de finale van the Voice of Holland stonden. Allemaal wilden we niets liever dan met elkaar the Voice van GroenLinks worden, stem geven aan onze eigen GroenLinkse strijd voor een duurzaam en socialer Nederland.

En nu sta  ik hier weer...
acht maanden later...

Er is veel gebeurd.
En het is goed dat we daar vanochtend uitgebreid bij hebben stil gestaan.
Nu kijken we alleen nog maar vooruit. En we doen dat vol optimisme. Ik ben ervan overtuigd dat we onze partij er weer bovenop gaan helpen Ik reken op jullie, zoals jullie op mij kunnen rekenen
Samen gaan we Nederland groener en socialer maken.

We staan daarbij in een trotse traditie.
Van Paul Rosenmöller, die GroenLinks met een strategie van kwaliteitsoppositie, in een paar jaar van 5 naar 11 zetels bracht.
Van Femke Halsema die ons denken scherpte over wat eigenlijk sociaal is en hoe je solidariteit en vrijheid met elkaar kunt combineren. En van Jolande Sap natuurlijk die als geen ander liet zien hoe je idealen dichterbij kunt brengen en hoe je de compromissen die je daarvoor sluit verdedigt, ook als er wel eens even een storm opsteekt.

Ik ben trots op die traditie. Ik ben er trots op dat wij Groen én Links zijn. GroenLinks heeft de plannen voor meer werkgelegenheid en een gezonde aarde. Samen met jullie allemaal ga ik die kracht van GroenLinks verder uitbouwen.

Mijn droom voor Nederland kreeg haast ongemerkt vorm toen ik een jaar of 13, 14 was.

Op zondag zaten, als het mooi weer was natuurlijk, Turkse mannen thee te drinken in de tuin van m’n ouders. Gastarbeiders waren het, ze kwamen in het industriële Veenendaal waar ik opgroeide, het vuile werk opknappen dat de Nederlanders niet meer wilden doen. Die Nederlanders wilden hen wel de minieme schuurtjes achter hun huizen verhuren waar die mannen zich dan, als ze niet hoefden te werken, konden gaan zitten te vervelen. Mijn vader vond dat niks en hij nodigde zijn collega’s, want dat waren het, op zondag op de thee. Ik vond het allemaal wel spannend, zo veel gebeurde er niet op zondag in het nogal Bijbelse Veenendaal, maar ik vond het ook mooi. Het maakte me op een bepaalde manier ook trots, dat mijn ouders iets deden wat verder niemand deed. Niet uit medelijden overigens, ze vonden die Turken niet zielig of zo, ook niet omdat ze zo nodig de weldoener wilden uithangen, maar gewoon, uit betrokkenheid die eigenlijk vanzelfsprekend zou moeten zijn.

Als je er maar oog voor hebt dan zie je die betrokkenheid ook nu overal in Nederland.
In de tentenkampen en vluchtkerken van Amsterdam en Den Haag zie ik de betrokkenheid van buurtbewoners bij uitgeprocedeerde asielzoekers.

In de straat bij mijn moeder – ja, ze woont nog steeds in Veenendaal - zie ik de betrokkenheid van haar buren die als het buiten glad is met alle liefde boodschappen voor haar doen.

Ik zie de betrokkenheid van de ouders bij de scholen (meer dan ooit). Ik zie de betrokkenheid van de miljoenen vrijwilligers bij de zorg voor ouderen en ik zie hoe steeds meer mensen zich inzetten voor een schone leefomgeving waarin het fijn wonen is.

Dat is het Nederland waarin ik graag wil wonen.
En dat geldt voor heel veel mensen. 
Echt.
Wij willen een samenleving die schoon, zorgzaam en ontspannen is.
Wij meten groei niet af aan geld.
Wij willen wonen in een land waar het gaat over mensen in plaats van cijfers.
Waar het gaat over geluk in plaats van groei.
Waar het gaat over beter in plaats van meer.

We zitten in de politiek om deze idealen in de praktijk te brengen. Dat gaat niet vanzelf. Daarvoor moeten we radicale keuzes maken, concreet zijn, laten zien wat onze keuzes voor mensen betekenen en aansluiten bij waar mensen zelf mee bezig zijn. Bij wat ze beweegt, enthousiast maakt, maar ook bij waar ze zich zorgen over maken. En we moeten eerlijk zijn. Een mooiere samenleving komt er niet vanzelf. Je moet er iets voor doen, en je moet er iets voor laten.

De politiek moet daarin voorop gaan. Niet met een zielloze uitruil van standpunten, zoals in het Regeerakkoord, een beetje trein en heel veel asfalt, een beetje biologisch en een heel veel bio-industrie, een beetje schone energie en niets ten koste van de grootverbruiker.

We moeten eerlijk zijn. Een toekomstperspectief schetsen. Dat betekent heldere keuzes maken. Een dergelijke politiek dwingt respect af, meer dan het pappen en nathouden wat nu zo in de mode is.

Gelukkig hoeft niet alles van de politiek te komen. Autonome burgers nemen steeds vaker het heft in handen.
Soms uit frustratie over de onmacht of onwil van de politiek. Maar vaker als een bewuste positieve keus om zelf meer richting te geven aan het eigen leven. Daarom regelen mensen zelf zorg, richten ze hun eigen buurt in, wekken ze zelf schone energie op, kopen ze biologische producten of kiezen ze voor auto-delen of elektrisch. Net als mijn ouders veertig jaar geleden doen ze dat niet omdat ze zo nodig de weldoener willen uithangen, maar gewoon uit betrokkenheid, uit nieuwsgierigheid en in de overtuiging dat het in het leven om meer gaat dan geld verdienen en mooie spullen kopen.

Dit betekent niet dat de politiek wel een stapje terug kan doen, dat er nog wel wat meer bezuinigd kan worden. Een sterke overheid en autonome burgers kunnen niet zonder elkaar, ze hebben elkaar nodig.

Groenlinksers weten dat.

Daarom gaan we er in Den Haag, in Europa en in de gemeenten en provincies alles aan doen om de omslag naar een duurzame samenleving te ondersteunen en barrières voor burgerinitiatieven weg te nemen.

Waar het kabinet bezuinigt op de zorg voor kwetsbaren, steeds meer over de schutting gooit, komt GroenLinks met alternatieven die zorg betaalbaar en bereikbaar houden.

Waar het kabinet kiest voor 14 banen asfalt door Amelisweerd, zet GroenLinks zich in voor behoud van natuur en vergroening van Nederland. En waar het kabinet de energieverslaving koestert en het gas ten koste van alles wil laten blijven stromen, kiest GroenLinks voor een pas op de plaats, voor de belangen van huidige bewoners en van toekomstige generaties.

GroenLinks staat voor eerlijk delen.
Net als het kabinet. Althans dat stond in het Regeerakkoord.

Zouden ze met eerlijk delen bedoelen dat je Nederland rijker maakt door opnieuw een miljard op onze ontwikkelingssamenwerking te bezuinigen?
Zouden ze met eerlijk delen bedoelen dat je er voor kiest de aarde slechter achter te laten voor wie na ons komen omdat we onszelf geen beperkingen willen opleggen?
Zouden ze met eerlijk delen bedoelen dat je verzorgenden, leraren, uitkeringsgerechtigden op de nullijn zet terwijl bestuurders blijven graaien, en bankiers hun mensen op straat zetten om hun bonus maar niet te hoeven inleveren?
Is dat eerlijk delen?

Dat heeft met eerlijk delen helemaal niks te maken.

GroenLinks wil echt eerlijk delen. Binnen Nederland, over grenzen heen en met toekomstige generaties.

Dat betekent dat we van  Nederland geen belastingparadijs maken voor brievenbusbedrijven uit Spanje en Griekenland terwijl de jeugdwerkloosheid daar tot boven de 50% oploopt.

Dat betekent dat we onze grondstoffen, energie en biodiversiteit niet langer verjubelen maar daadwerkelijk omschakelen naar een groene economie.

Dat is echt eerlijk delen.

Eerlijk delen betekent ook: eerlijk kiezen.
En ja kiezen heeft een prijs.
Als we de natuur willen behouden, moeten we vaker de auto laten staan.
Als we geen megastallen en plofkippen willen, dan wordt vlees duurder en dus misschien geen dagelijkse kost meer.
Als we goede zorg dichtbij willen regelen, moeten we ons realiseren dat dat geld kost.
Het is dus niet kiezen of delen, maar kiezen OM te delen.
Een samenleving die schoon, zorgzaam en ontspannen is, iets wat we toch allemaal willen, krijg je niet cadeau.
Die samenleving vraagt om heldere keuzes.

En GroenLinks maakt die.

Betekent heldere keuzes maken dat GroenLinks niet meer bereid is om compromissen te sluiten?
Uiteraard niet.

Voor ons GroenLinksers draait het niet om preken voor eigen parochie én niet om plakken op het pluche. Wij willen onze idealen omzetten in concrete resultaten. Maar dat vereist wel een fundamentele breuk met het regeerakkoord van dit zouteloze, niet-kiezen-en-niet-delen-kabinet.

Met ons valt best te praten over 3%.

Een werkloosheidspercentage van ten hoogste 3%.
Daar willen we graag over praten.
3% minder armoede onder kinderen.
Daar willen we graag over praten.
3% minder CO2 uitstoot per jaar.
Daar willen we graag over praten.

En dan willen we ook best kijken naar een begrotingsnorm van 3%. Want iedereen snapt dat je niet oneindig meer geld kunt uitgeven dan er binnenkomt.

Met ons valt te praten. GroenLinks durft te kiezen, ook voor het nemen van verantwoordelijkheid.

Dat heb ik deze week ook tegen Jeroen Dijsselbloem gezegd. Ook bij mij kwam hij koffie drinken en vragen of GroenLinks mee wil doen. Ik heb hem om het ijs te breken eerst wat suggesties voor extra bezuinigingen gedaan: schrap de Blankenburgtunnel en het nieuwe asfalt door Amelisweerd,  (dat heeft ’ie geloof ik niet onmiddellijk begrepen), schrap de miljarden subsidies aan energieverslindende productie, koop geen nieuwe straaljagers. Maar ik heb hem vooral uitgenodigd om eerst in gedachten aan te schuiven bij GroenLinks.  Ik heb hem uitgenodigd zich eens werkelijk te verdiepen in onze plannen: plannen voor een radicale vergroening van de belastingen zodat er meer banen komen en minder vervuiling, plannen voor goed onderwijs en betere zorg, plannen voor een schone energievoorziening, een onovertroffen openbaar vervoer en een voorbeeldige, biologische landbouw.

Hoe nodig een dergelijke omslag is, weten wij GroenLinksers als geen ander. Hoe realistisch die is, bewijzen onze wethouders in al die dorpen en steden. Zij kiezen in de praktijk voor kiezen om te delen: door te zorgen voor meer werk, door de zorg toegankelijk te maken, door duurzaam te bouwen en wijken te vergroenen en ons te scharen aan de zijde van mensen die zelf hun eigen toekomst vorm willen geven.

Met deze staat van dienst hebben we in 2014 goud in handen.

Wij zijn dé groene partij voor Nederland, onderdeel van dé groene beweging in Europa. Wij zijn dé groene partij in de gemeenten, in Amsterdam en Loppersum. Vandaag beginnen de verkiezingen, vanaf vandaag vragen wij de kiezers hun vertrouwen.

Wij kiezen niet tussen groen en links.
Wij zijn Groen én Links.
Wij kiezen om te delen.

Dat is waar wij voor staan. Dat is waar ik voor sta. Jullie kunnen op mij rekenen. En ik reken op jullie.