Europarlement te weinig kritisch over doorgifte bankgegevens aan VS

Het Europees Parlement vindt dat de gegevens over de banktransacties van Europese burgers en bedrijven (via SWIFT) niet zomaar mogen worden doorgegeven aan de Amerikaanse autoriteiten. Daartoe heeft het deze week een aantal regels opgesteld.
De Europese Commissie is op dit moment aan het onderhandelen met de Amerikaanse overheid om toch deze gegevens uit de wisselen. Het Europees Parlement heeft echter tot spijt van GroenLinks niet opgeroepen tot het opschorten van deze onderhandelingen met de VS.

In 2007 ontstond ophef over het feit dat de VS, in het kader van hun Terrorist Finance Tracking Program, toegang hadden tot informatie over vrijwel alle banktransacties binnen de Europese Unie. SWIFT, het bedrijf dat deze gegevens in strijd met de Europese privacywetgeving doorgaf aan de VS, besloot na overleg met Europese privacytoezichthouders om de gegevens niet langer op te slaan op computers in de VS, maar in Nederland en Zwitserland. Deze zomer besloot de Raad van Ministers van de EU echter om de Amerikaanse autoriteiten toch toegang te blijven geven tot de bankgegevens. Het Zweedse voorzitterschap is daartoe onderhandelingen gestart met de Amerikaanse regering. Nationale parlementen en het Europees Parlement staan buitenspel, omdat het onderhandelingsmandaat geheim is en de overeenkomst in werking zal treden nog voor zij door nationale parlementen is goedgekeurd.GroenLinks-Europarlementariƫr Judith Sargentini vindt dat het Europarlement feller had moeten protesteren tegen deze ondemocratische gang van zaken. "De regeringen van de EU-landen dreigen de illegale praktijken van de VS alsnog te legaliseren. Het is goed dat het parlement waarborgen verlangt voor de privacy van Europese burgers, maar de gevolgde procedure biedt geen enkele garantie dat die waarborgen er ook komen. Op het moment dat parlementariƫrs daar een oordeel over kunnen vellen is het te laat: dan treedt de overeenkomst met de VS al in werking.""Het was dan ook veel logischer geweest om opschorting van de onderhandelingen te verlangen, zolang de Europese regeringen geheimzinnig doen over hun inzet, ze parlementen buitensluiten en ze de privacy van burgers te grabbel dreigen te gooien," vindt Sargentini. "Daar komt bij dat het Europarlement de vraag opwerpt of deze overeenkomst wel nodig is. In 2010 treedt een overeenkomst met de VS in werking over rechtshulp, op grond waarvan de VS de EU-landen om gegevens kunnen vragen die zij nodig hebben in de strijd tegen de financiering van terroristische netwerken. Zolang de Raad van Ministers en de Europese Commissie de noodzaak van een aparte overeenkomst niet hebben aangetoond, moeten de onderhandelingen met de VS worden bevroren."