Open expertisecentra voor misbruikte kinderen

Er moeten expertisecentra komen die zich uitsluitend richten op seksueel misbruik van kinderen. Dit bepleiten GroenLinks-Tweede Kamerlid Kathalijne Buitenweg en orthopedagoog en schrijfster van “De wetende getuige” Anneke van Duin in aanloop naar het debat vandaag over kindermisbruik. Het blijft in de samenleving te stil over de grootste groep slachtoffers van misbruik: kinderen binnen het gezin. De expertisecentra moeten werken met multidisciplinaire teams met onder meer een kinderarts, psycholoog en maatschappelijk werker. Dit is een andere werkwijze dan in al bestaande brede centra voor seksueel en huiselijk geweld.

De afgelopen jaren zijn we steeds opnieuw opgeschrikt door verhalen over seksueel misbruik van kinderen. Door priesters, trainers, leraren, in de gemeenschap van de Jehova’s Getuigen en elders. Er zijn speciale commissies geweest die uitgebreid onderzoek hebben gedaan naar wat zich heeft voorgedaan in de Rooms-Katholieke Kerk (Commissie Deetman), bij uit huis geplaatste kinderen (Commissie Samsom), in de Jeugdzorg (Commissie de Winter) en in de sport (Commissie de Vries). Maar wat blijft het stil rond de grootste groep slachtoffers: de kinderen die worden misbruikt binnen het gezin en de familie. Ook vanavond gaan meer dan tienduizend kinderen naar bed, vol angst dat de slaapkamerdeur opengaat en zij zich mentaal moeten uitschakelen om aan te kunnen wat geen kind zou moeten overkomen.

Deze kinderen laten we in de steek. Volgens de Nationaal Rapporteur Mensenhandel ( rapport “Op goede grond”) worden verreweg de meeste kind-slachtoffers niet herkend, worden de meeste wel bekende slachtoffers niet gemeld, en leiden de meeste meldingen niet tot onderzoek. Soms is er onwil om te geloven dat echt sprake is van seksueel misbruik. Maar vaak wordt weggekeken uit onkunde en handelingsverlegenheid. Slechts 25% van de meldingen zou worden onderzocht. Dat is veel minder dan bij andere vormen van kindermishandeling. En als gevolg duurt het misbruik jaren voort, en worden kinderen bovendien verder beschadigd doordat hun verhalen niet worden geloofd.

De reden voor de collectieve terughoudendheid is dat het moeilijk is om signalen goed te duiden en we bang zijn voor de gevolgen, zowel voor als de vermoedens juist zijn als wanneer dat niet het geval is. Maar wegkijken is niet de oplossing. We kunnen en moeten meer investeren in het herkennen en vaststellen van seksueel misbruik. Uit wetenschappelijk onderzoek (Bosschaart, 2018) blijkt dat ook professionals er vaak niet in slagen om seksueel misbruik te herkennen. Extra lastig is dat veel misbruik geen fysieke sporen nalaat. Het komt dan aan op een goede diagnostiek van de signalen en verhalen van kinderen. 

Om die diagnostiek verder te ontwikkelen pleiten wij voor de oprichting van expertisecentra die zich uitsluitend richten op seksueel misbruik van kinderen. Met multidisciplinaire vaste teams (met oa een kinderarts, psycholoog, psychiater en maatschappelijk werker) die samen veel ervaring opdoen en zich specialiseren. De centra kunnen advies gevraagd worden voor (civielrechtelijke) besluiten zoals over uithuisplaatsing en omgangsregelingen. Maar ook de plek zijn waar professionals van andere instellingen, zoals van Veilig Thuis of maatschappelijk werk, terecht kunnen voor advies voor hulpverlening. Want vaak spelen in een gezin meerdere problemen. Misschien kan het ook de plek zijn waar leraren, buren en familieleden heen kunnen als zij met hun handen in het haar zitten over wat zij vrezen dat zich afspeelt. De toepassing kan breed zijn, maar de focus beperkt: seksueel misbruik van kinderen (4-15 jaar). Omdat we hebben geleerd uit eerdere ervaringen dat wanneer organisaties zich met alle vormen van huiselijk geweld bezig houden, juist dit onderwerp kind van de rekening is. 

Kathalijne Buitenweg, Tweede Kamerlid voor GroenLinks
Anneke van Duin, orthopedagoog en schrijfster van “De wetende getuige”