Links aan tafel de bewindspersonen, linksboven Tineke en Marijke en rechts is Ruard zojuist klaar met zijn bijdrage.

Senaatsfractie stemt na toezeggingen in met wetten gedwongen zorg

De Eerste Kamer heeft dinsdag drie wetsvoorstellen over het toepassen van gedwongen zorg aangenomen. GroenLinks stemde in met deze drie onderling samenhangende wetten nadat de ministers De Jonge (VWS) en Dekker (Rechtsbescherming) vorige week in het debat een aantal belangrijke toezeggingen deden.

De Wet zorg en dwang (Wzd) geldt voor verstandelijke gehandicapten en ouderen, onder de Wet verplichte GGZ (Wvggz) vallen personen met psychische stoornis en de Wet Forensische Zorg (Wfz) geldt voor terbeschikkingstelling.

Wet zorg en dwang en Wet verplichte GGZ

GroenLinks-senator Ruard Ganzevoort behandelde de Wzd en de Wvggz en omschreef het dilemma van de wetsvoorstellen treffend: op het moment dat dwang te pas komt aan de zorgrelatie dan schuurt dat met de basisgedachte van een gelijkwaardige zorgrelatie. Het zo veel mogelijk terugdringen van gedwongen zorg moet ook in deze vorm het doel van beleid en wetgeving zijn, aldus Ruard. Dwang kan bijvoorbeeld door werkdruk, een gebrek aan expertise of geld onterecht worden toegepast. Hij zag als een van de problemen dat de belangrijkste problematiek van de cliënt moet bepalen welke wet geldt, maar dat dat in de praktijk maar net afhangt van de instelling waar iemand verblijft. De overlap en afgrenzing tussen met name psychische problematiek en verstandelijke beperkingen is in de praktijk erg ingewikkeld en kan bij cliënten soms per week verschillen. Dat maakt het voor zorgverleners wel erg onoverzichtelijk.

De minister deed een toezegging om bij de uitwerking en in de evaluatie van de wetten extra aandacht te besteden aan de samenhang tussen de wetten. Ruard benadrukte de werkbaarheid in de praktijk leidend moet zijn bij de afstemming tussen de wetten.

Wet forensische zorg

Fractievoorzitter Tineke Strik behandelde de wijzigingen in de Wet Forensische zorg. Door de aanpassing van de besturing en financiering van het tbs-stelsel wil de regering ervoor zorgen dat personen met een psychische stoornis of verstandelijke beperking de juiste behandeling en begeleiding krijgen, bij voorkeur in een reguliere instelling. Het voorstel regelt dat de reguliere zorg en de forensische zorg beter op elkaar aansluiten en dat ook de strafrechter iemand gedwongen kan laten opnemen. Het heikele punt van dit wetsvoorstel is het openbreken van het medisch beroepsgeheim bij verdachten die weigeren zich psychisch te laten onderzoeken (de zgn weigerende observandi). Die weigering komt vaak voort uit angst om een tbs-maatregel opgelegd te krijgen, die elk jaar kan worden verlengd, en zorgt ervoor dat de rechter moeilijker kan bepalen of iemand toerekeningsvatbaar is.

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) heeft grote problemen met deze inbreuk op de privacy. Tineke gaf vorige week aan dat de minister de GroenLinks-fractie nog niet overtuigd heeft van de noodzaak, proportionaliteit en subsidiariteit van het doorbreken van het medische beroepsgeheim. Minister Dekker deed de toezegging aan de Kamer serieus naar het alternatief van de AP te kijken, waarbij verdachten tijdens hun eventuele gevangenisstraf worden geobserveerd en na twee jaar alsnog tbs kunnen krijgen.

Voor de GroenLinks-fractie waren de duidelijke verbeteringen ten opzichte van de huidige situatie en de toezeggingen van de regering voldoende grond om akkoord te gaan met de drie wetten.