Strijd tegen onderwijscrisis vraagt om marathonmentaliteit

Het onderwijs verdient beter en daarom steunt GroenLinks de acties van het stakende onderwijspersoneel van harte. ‘De coalitie kan niet blijven roeptoeteren dat het zo geweldig is dat ze anderhalf miljard euro extra hebben geïnvesteerd. Het is een heleboel geld, maar niet genoeg om de crisis in de sector te beteugelen’, aldus Kamerlid Lisa Westerveld.

Met meer geld voor kleinere groepen en een ambitieus plan om de loonkloof tussen primair en voortgezet onderwijs te dichten, zou minister Slob de sector een heel eind de goede richting in kunnen sturen. Daarnaast moet hij het passend onderwijs nu echt passend maken door werkdrukbeteugeling te eisen via meer en betere ondersteuning op de werkvloer. Westerveld: ‘Via zulke maatregelen worden ook de 83 duizend mensen die ondanks een lesbevoegdheid niet voor de klas staan weer naar het onderwijs gelokt. Die zijn nu afgehaakt omdat in de eerste plaats de werkdruk te hoog is ze en daarnaast – terecht – vinden dat ze niet genoeg verdienen.’

Helaas blijven de coalitiepartijen trots tamboereren op de extra middelen en verschuilen zich achter het regeerakkoord als door vakbonden of partijen als GroenLinks wordt vastgesteld dat er meer nodig is.

Westerveld: ‘VVD, CDA, D66 en ChristenUnie lijken soms vergeten dat dit probleem vraagt om een marathonmentaliteit. Nu zijn ze flitsend uit de startblokken gekomen om vervolgens langs de weg te gaan zitten blazen. Terwijl ze niet eens halverwege zijn. Als je dan zegt dat de finish pas vele kilometers verderop ligt, krijg je verontwaardigde reacties in de geest van “zie je niet hoe hard we gingen?” Het doel is intussen wel uit zicht.’

Dat de middelen beperkt zijn en de crisis in de publieke sector niet alleen het onderwijs raakt maar ook sectoren als de zorg of defensie, maakt het probleem complex. ‘Iedereen snapt best dat het gezond krijgen van de onderwijsarbeidsmarkt niet in een vloek en een zucht is geregeld. Daar gaan jaren overheen. Maar onderken dat gewoon en doe niet of er nu genoeg gebeurt, zoals de VVD. Of bluf er geen half miljard aan investeringen bij door te doen of onderhoud aan monumenten het onderwijs ten goede komt, zoals D66.’

Volgens GroenLinks zou het ook helpen als de bekostiging op de schop gaat. Zo moeten de bekostigingsregels zo worden aangepast dat het onmogelijk wordt geld dat is bedoeld voor personeel in te zetten voor bijvoorbeeld gebouwen, tenzij daar toestemming voor is gegeven door de medezeggenschapsraad. En er moet een rem komen op de reserves: onderwijsbreed staat er 16 miljard euro op de bank. Zeven miljard euro daarvan was bedoeld voor het funderend onderwijs.

‘Ik snap best dat besturen soms geld moeten reserveren voor vastgoedonderhoud of een duur ict-systeem,’ zegt Westerveld. ‘Maar dit soort reserves voedt de suggestie dat het onderwijs het geld nu al niet op krijgt. Daarom moet het ministerie van OCW aan de slag met een maximale reserve. Een structurele oplossing voor het lerarentekort is dat uiteraard niet: een spaarpot kun je maar één keer legen. Maar je kunt er wel een begin mee maken.’