Canada is een notoire achterloper in klimaatbeleid. Samen met Australië was het land de afgelopen jaren een rem op de ambities van de meest ontwikkelde economieën. De verkiezingsoverwinning van Justin Trudeau, die zich tijdens zijn campagne als voorvechter van het klimaat opstelde, zal daar verandering in brengen. Wil Trudeau echter zoveel mogelijk uit de de klimaatonderhandelingen in Parijs eind dit jaar plaatsvinden halen, dan moet het tempo waarin hij zijn toezeggingen wil omzetten in daadwerkelijke plannen omhoog. Dat kan alleen als hij zich niet in de knoop werkt met verschillende andere verkiezingsbeloftes.
Het klimaatbeleid van premier Harper
Het economische beleid van de verslagen conservatieve minister-president Stephen Harper stond volledig in het teken van grootschalige investeringen in de winning van teerzand. Teerzand zou Canada een energiesupermacht maken. Deze olie kan echter enkel gewonnen worden door het letterlijk uit de grond te persen. Dit proces kost zoveel energie dat teerzandolie vele malen CO2-intensiever is dan conventionele olie. Harpers beleid is door enorm lage olieprijs echter op een debacle uitgelopen.
Onder leiding van Harper stapte Canada in 2011 uit het Kyotoprotocol, net voordat de gemaakte afspraken wettelijk bindend werden. Kyoto stond de ontwikkeling van de teerzandindustrie in de weg. In plaats daarvan kwam Harper met nieuwe belfotes: in 2020 zou de Canadese CO2-uitstoot met 17 procent verminderd zijn ten opzichte van 2005. Dit waren lege woorden. Als het huidige beleid voortgezet wordt zal de CO2-uitstoot in 2020 met twintig procent gestegen zijn.
In mei is Canada met haar INDC gekomen. Dit is de toezegging die landen doen voorafgaand aan de onderhandelingen in Parijs waar een nieuw mondiaal klimaatverdrag afgesloten moet worden. De belofte van Canada is één van de meest teleurstellende bijdrages die is ingeleverd. Analyse toont aan dat het neer komt op een herhaling van de toezegging die het land in 2011 al deed, maar dan voor 2030 in plaats van 2020, tien jaar stilstand dus.
De toezeggingen van Trudeau
“Canada will lead on climate change because it’s the right thing to do and because it’s good for our economy”, aldus Trudeau, de leider van de progressievere Liberal Party die gisteravond een absolute meerderheid haalde. Nu krijgt hij de kans om daad bij woord te gaan voegen. Hij zegde onder andere toe een prijs voor CO2-emissiesies in te willen voeren en subsidies op fossiele brandstoffen af te willen schaffen. Ook viel hij Harper hard aan op zijn klimaatbeleid en beloofde hij de uitgeklede milieuwetgeving en -budgetten te herstellen.
Teerzandolie blijft echter de achilleshiel van Canada. Trudeau neemt een dubbelzinnige houding in. Zo wil hij een gedeeltelijke ban op olietankers en is hij tegen de aanleg voor een nieuwe oliepijpleiding die door het noorden van Canada zal lopen. Ondertussen ondersteunt hij echter wel de uitbreiding van de beduchte Keystone-pijpleiding en heeft hij nog geen mening over het plan voor een nieuwe pijpleiding door Oost-Canada. Toch is zijn meer gematigde houding rondom deze vraagstukken al een enorme verbetering ten opzichte van Harper.
Voor Parijs is het zaak dat Trudeau niet in de knel komt met uiteenlopende verkiezingsbeloftes. Aan de ene kant wil hij een eind maken aan het top-down beleid van Harper, provincies moeten meer inspraak krijgen. Vandaar hebben de liberalen de belofte gedaan om met alle provinciale leiders naar de klimaatonderhandelingen in Parijs te gaan, om pas daarna met ze om tafel te gaan zitten voor de uitwerking van een nationaal klimaatplan. Dat is te traag. Er moet minstens een CO2-reductiedoelstelling op tafel liggen vóórdat de onderhandelingen in Parijs beginnen, anders kan het een reden vormen voor andere landen om eveneens een afwachtende houding aan te nemen.
Positieve impuls
In Bonn, waar klimaatonderhandelaars deze week bij elkaar zijn om de onderhandelingstekst voor de klimaattop in Parijs voor te bereiden, is de uitslag van de verkiezingen met gejuich ontvangen. De verwachting is dat Canada een positievere houding in zal nemen tijdens de voorbereidingen. Trudeau heeft duidelijk aangegeven actie te willen ondernemen, terwijl voor Harper het nieuwe klimaatverdrag een compleet non-issue was.
Het is nu zaak dat de EU, regeringsleiders, ngo's en andere betrokkenen Trudeau tot speod aansporen. De bijeenkomst in Bonn en de G20-bijeenkomst die in november plaats zal vinden, vormen daarvoor een goede aangelegenheid. De aandacht van Trudeau voor de provincies is lovenswaardig, maar het klimaat vereist dat er zo snel mogelijk knopen door worden gehakt.
Alle beloftes, plannen en analyses daargelaten, slechter dan Harper kan het simpelweg niet. Australië en Candada: one down, one to go.