Zeven antwoorden op de Europese bankencrisis

De financiële crisis waarin we ons nog altijd bevinden, ontstond doordat banken hun kerntaak, het inschatten van financiële risico's, niet naar behoren vervulden. De overheid moest de banken overeind houden en de daarop volgende economische ontwrichting veroorzaakte de crisis die de eurolanden nu teistert. GroenLinks-Europarlementariër Bas Eickhout liet de Nederlandse bankensector onderzoeken in het rapport De zeven hoofdzonden van de banken. Hij geeft zeven antwoorden op de zonden die leidden tot de bankencrisis.

1. Grootheidswaan: Maak banken kleiner

De oud-gouverneur van de Bank of England zei terecht: “Banken die te groot zijn om failliet te gaan, zijn ook te groot om te bestaan.” Veel Europese banken zijn nog altijd zo groot dat ze de hele economie kunnen meesleuren in hun val. De wetenschap dat de overheid in geval van nood geen andere keuze heeft dan hen te redden, maakt dat ze grote risico's kunnen nemen tegen een lage prijs. Te grote banken moeten zich dus opsplitsen of kleiner worden, zodat de belastingbetaler tegen onverantwoord bankiersgedrag beschermd wordt.

2. Onbetrouwbaarheid: Splits de taken van banken

Banken moeten kiezen: of ze beheren spaargeld van klanten, of ze drijven financiële handel. Alleen banken met een depositovergunning mogen geld van spaarders verzamelen en maken aanspraak op depositogaranties van de overheid. Als tegenprestatie concentreren ze zich op kredietverlening voor de reële economie en mogen ze slechts beperkt effecten bezitten. Kiest een bank voor de status van handelsbank? Dan zijn risicovolle transacties voor eigen rekening van de bank of, met expliciete toestemming, van de klant. Investeringsbanken mogen geen deposito’s verzamelen. Ze komen niet in aanmerking voor overheidsgaranties of staatssteun. Blijken ze onverantwoorde risico's te hebben genomen, dan gaan ze 'gewoon' failliet.

3. Onvoorzichtigheid: Bouw de schulden van banken af

Vergroot het eigen vermogen van banken. In periodes van economische groei profiteren de banken van goedkope en vrijwel onbeperkte financieringsmogelijkheden, maar banken moeten ook op eigen benen kunnen staan als de economie stagneert of krimpt. Ook na het akkoord tussen het Europees Parlement en de Europese ministers van financiën over aangescherpte kapitaaleisen voor banken, moeten de risico's van te hoge bankenschulden verder worden ingeperkt, onder meer door middel van een bindende hefboomratio. Het Europees Parlement en de Europese ministers moeten zo snel mogelijk tot een akkoord komen over strengere kapitaaleisen van banken. Het aandeel van de activa dat met schulden wordt gefinancierd moet beperkt worden. Instabiele financieringsbronnen van banken (zoals kortlopende schulden) moeten worden belast om banken te stimuleren in een keuze voor stabiele financieringsbronnen op lange termijn, zoals spaardeposito's.

4. Bedrog: Pak belastingontwijking aan

Verplicht banken in elk land een aparte boekhouding bij te houden (country-by-country reporting) zodat in hun jaarverslagen helder staat in welk land ze actief zijn, onder welke namen ze in elk land opereren, wat hun financiële resultaten per land zijn en welke belastingen ze waar afdragen. Deze informatie geeft toezichthouders de mogelijkheid om fraude op te sporen en belastingontwijking te anticiperen. Banken die gebruik maken van belastingparadijzen moeten worden aangepakt, bijvoorbeeld door het extra belasten van financiële stromen via belastingparadijzen of in het uiterste geval door het intrekken van hun bankvergunning.

5. Hebzucht: Pak excessieve beloning en bonussen aan

Beperk topinkomens bij banken door de hoogste beloning (vast salaris en bonus) te begrenzen tot tien keer het laagste salaris binnen de organisatie. Het is in de financiële sector tegenwoordig niet ongebruikelijk dat het hoogste salaris tweehonderd keer hoger is dan het laagste salaris. Het Europees Parlement zette een belangrijke stap door bonussen te maximeren op één jaarsalaris. Daarnaast moeten bonussen en variabele beloningen niet op basis van kortetermijntrends worden uitgekeerd, maar alleen als een bank duurzaam goed presteert. Een definitieve uitkering van een bonus vindt pas plaats tien jaar na de geleverde prestaties.

6. Verslaving: Verbied gevaarlijke speculatieve producten

Risicovolle financiële producten tasten de stabiliteit van het financiële systeem aan. Europese toezichthouders moeten in staat worden gesteld om nieuwe financiële producten, net zoals medicijnen, te beoordelen voordat ze op de markt komen. Zijn ze te riskant en dienen ze geen enkel maatschappelijk nut? Dan worden ze verboden. Er moet bovendien beter toezicht komen op de risicovolle leningen en bezittingen op de balansen van banken. Handel in derivaten moet zoveel mogelijk op georganiseerde markten plaatsvinden (onder toezicht) in plaats van bilateraal (onderhands). Dan worden de risico's zichtbaar en kunnen ze worden aangepakt door de toezichthouder. Duurzaamheid moet de norm worden in het bankieren. In het beoordelen van financiële risico's worden grondstoffenschaarste en het milieu expliciet meegenomen. Consumenten worden beter beschermd tegen risicovolle financiële producten.

7. Parasitisme: Beperk steun aan banken en bescherm de reële economie

Bovenstaande acties beperken het gevaar dat we opnieuw banken moeten redden aanzienlijk. Maar ook voordat een stabiele bankensector is bereikt, moet het redden van een bank door de overheid de belastingbetaler sparen en zo min mogelijk schade aanrichten aan de rest van de economie. In eerste instantie moeten aandeelhouders en achtergestelde obligatiehouders meedragen in de kosten van een faillissement of een reddingsoperatie. Alleen met een Europese aanpak stoppen we de neerwaartse spiraal tussen banken en overheden van de eurozone die elkaar meesleuren in hun schuldenproblemen. Er moet daarom haast worden gemaakt met het opzetten van een resolutiemechanisme voor een ordelijk verloop van omvallende banken. Daarvoor is een Europese stroppenpot voor banken nodig. Deze stroppenpot moet gevuld worden met bijdragen van de banken zelf. Een Europese stroppenpot voorkomt dat de redding van een bank in nood de overheidsfinanciën van een euroland acuut in gevaar brengt. Dan kan er eindelijk economisch herstel plaatsvinden, zonder dat bij iedere grote bank in nood het vertrouwen in de overheidsfinanciën van de eurolanden wordt aangetast.

Kijk voor de uitgebreide analyse van De Zeven Hoofdzonden van de Banken op http://dehoofdzondenvanbanken.eu.