Bekijk de video van de bijdrage van Bas Eickhout op Facebook

Europese samenwerking is meer dan ooit in het Nederlands belang

In de jaarlijkse Staat van de Unie debatteren Tweede Kamerleden en Europarlementariërs over de Europese Unie. GroenLinks-Europarlementariër Bas Eickhout komt in zijn analyse tot de conclusie dat Europa zoveel beter kan als de EU-lidstaten gaan werken aan een ander Europa dat de zorgen van burgers serieus neemt.

Voor het eerst in de geschiedenis heeft Europa te maken met een Amerikaanse president die de Europese Unie het liefst uit elkaar ziet vallen. En voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog is het niet meer zeker dat Europa kan rekenen op bescherming van de Amerika terwijl de Russische president lak heeft aan de soevereiniteit van Europese buurlanden. Voor het eerst vertrekt een lidstaat uit de Unie.

Ondertussen bereiden de vrienden van Poetin en Trump - het Front National, de Alternative für Deutschland en de PVV zich voor op de verkiezingen met meer zelfvertrouwen dan ooit.

Juist op dit cruciale moment in geschiedenis is Europese samenwerking meer dan ooit in het Nederlands belang. Alleen in Europees verband kan Nederland zijn waarden verdedigen: Openheid, vrijheid, duurzaamheid, respect voor minderheden.

Al deze waarden staan op het spel in een nieuwe multipolaire wereld waarin zowel Rusland als de Verenigde Staten ze in twijfel trekken of ondermijnen. Maar ik ben ervan overtuigd dat een overgrote meerderheid van de Nederlanders en van de Europeanen de meerwaarde ziet van hechte Europese samenwerking om die Europese waarden te verdedigen en om grensoverschrijdende problemen aan te pakken.

Chagrijn over Europa

Maar er is ook heel veel chagrijn over de EU, en dat is terecht. De Europese Unie heeft Europeanen niet afdoende beschermd tegen de grootste financiële en economische crisis sinds de jaren dertig. De Europese Unie heeft de zorg van mensen niet kunnen wegnemen dat de wensen van bedrijven belangrijker zijn dan de zorgen van burgers.

Democratie en transparantie van Europese besluiten laat te veel te wensen over en te veel Europees geld wordt slecht besteed.

Ik ben het daarom eens met de oproep van Bert Koenders, de minister van Buitenlandse zaken, voor een ander Europa. Maar ik deel zijn analyse niet in wat er precies moet veranderen en wie er moeten veranderen.

Het kabinet zegt: De lidstaten terug in de schijnwerpers. Minder regeltjes voor bedrijven. Voltooi de interne markt. Sluit meer handelsakkoorden op maat gesneden voor het bedrijfsleven. Dat is geen ander Europa, maar business as usual.

Politici die stug doorgaan op dezelfde voet, alsof er geen alternatief is, kweken het electoraat voor FN, AFD en PVV.

De lidstaten in de schijnwerpers

Als iemand Brussel kan veranderen, dan zijn het de lidstaten. Brussel, dat is de minister zelf als hij plaatsneemt in de Raad van Ministers! De lidstaten staan al volop in de schijnwerpers.

Het zijn de lidstaten die elkaar beconcurreren op het laatste belastingtarief voor bedrijven. Minister Koenders schrijft in het AD dat hij net als GroenLinks een minimumtarief voor de vennootschapsbelasting wil. Maar ondertussen pleitte het kabinet afgelopen september nog voor “een stapsgewijze route naar een concurrerend vennootschapsbelastingtarief”, oftewel een verlaging. En blokkeert Nederland een voorstel van de Europese Commissie tot meer harmonisering.

En was het niet de Nederlandse regering die om uitstel vroeg bij de aanpak van hybride mismatches waardoor multinationals straks nog vijf jaar langer kunnen profiteren van dit achterpoortje om belasting te ontwijken? Zijn het niet de lidstaten die in beroep gaan tegen de EU-besluiten om Starbucks en Apple alsnog belasting te laten betalen?

Of de slechte luchtkwaliteit voor Europeanen. Bij uitstek een grensoverschrijdend probleem waar Europa haar meerwaarde had kunnen bewijzen. Het voorstel van Europese Commissie en Europarlement om vervuiling te beperken, werd zodanig afgezwakt door de Raad van Ministers, dat daardoor jaarlijks tienduizend mensen vroegtijdige sterven. Tienduizend extra doden om de landbouwlobby tevreden te stellen - opnieuw, door de lidstaten.

Nog steeds is de euro instabiel maar blokkeren lidstaten zoals Nederland een serieuze discussie over de verdieping en democratisering van de Economische en Monetaire Unie. Na jaren bezuinigen deed de Europese Commissie voor het eerst een stevige oproep aan Nederland en Duitsland om een ruimer begrotingsbeleid te voeren. Maar ook hier zeiden die lidstaten: Europa gaat alleen over bezuinigingen, niet over extra investeringen.

Nederland moet werken aan een ander Europa

Een ander Europa komt pas in zicht als de lidstaten laten zien dat ze in staat zijn om andere keuzes te maken als het Europees beleid ontevreden burgers kweekt. Geen vingerwijzen naar anonieme technocraten, maar zelf aan een ander Europa werken met een ander Europees beleid.

Laat zien dat Europa tot meer in staat is, dan het uitvoeren van de wensenlijstjes van VNO-NCW. Dat Europa niet alleen kan bezuinigen, maar ook kan investeren. Dat Europa opstaat tegen vervuilende of belastingontwijkende bedrijven in plaats van hen te belonen met aparte rechtbanken of gratis emissierechten.

Als Nederland die beweging kan inzetten in de Raad van Ministers, dan wint de Europese Unie aan draagvlak en daarmee aan daadkracht. Daadkracht die de EU in tijden van Brexit en Trump zo hard nodig heeft.