G7: internationale clash over klimaat in aantocht

Op 26 en 27 mei komen de zeven grootste industrielanden in de G7 bijeen in Toarmina op Sicilië, Italië. Klimaatverandering staat op de agenda, en heeft door de onduidelijke koers van de Amerikaanse president Donald Trump een explosieve lading gekregen.

De overige zes landen (Italië, Duitsland, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk, Canada en Japan) kunnen er niet omheen, ze moeten tot een uitspraak over klimaat komen. Maar hoe gaan ze dat aanpakken? En wat zijn de overwegingen van Trump? Een korte Q&A om de situatie te verduidelijken.

Wat is het dilemma van Trump?

Trump riep tijdens zijn campagne regelmatig dat hij uit het klimaatakkoord van Parijs wil stappen. Nu hij president is, heeft hij al meerdere malen aangekondigd met een besluit te komen, om daar de volgende dag toch vanaf te zien. Interne discussies hebben hem ervan overtuigd dat de kwestie niet zo eenvoudig is:

  • Optie 1: Stapt Trump uit het Parijsakkoord, dan heeft het hoogstwaarschijnlijk negatieve internationale gevolgen voor de VS. (Zo zal in de EU een discussie ontstaan over invoermaatregelen op Amerikaanse producten om een gelijk speelveld te houden met Europese bedrijven die wel aan klimaateisen voldoen.)
  • Optie 2: Blijft Trump in het akkoord dan heeft het negatieve binnenlandse gevolgen als hij zijn destructieve binnenlandse klimaat- en energiebeleid doorzet. Dat opent immers de deur voor rechtszaken van staten en bevolking aangezien de VS haar verplichtingen niet nakomt (vergelijkbaar met de zaak van Urgenda in Nederland.)

Hoe probeert Trump uit dit dilemma te komen?

Trump heeft nu gezegd het klimaatakkoord te willen heronderhandelen. Tijdens de voorbereidende G7-meetings op niveau van ministers werd duidelijk waar Trump momenteel op aanstuurt. De VS wil internationaal erkend krijgen dat fossiele brandstoffen een belangrijke rol blijven spelen in de toekomst. Een statement dat uiteraard volledig indruist tegen de geest van het Parijsakkoord.

Zijn de andere zes eensgezind?

Dat is exact wat deze G7 zo interessant (en spannend) maakt. Naast de VS bestaat de G7 uit Italië, Duitsland, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk, Canada en Japan. Tijdens de voorbereidende G7-meetings wilden de eerste drie landen een krachtige tekst over Parijs vaststellen. Voor het VK, Canada en Japan bleken handelsbelangen echter zwaar te wegen. Ze wilden niet frontaal tegen de VS ingaan.

De Britse premier Theresa May hoopt bijvoorbeeld op een goede handelsdeal met de VS na Brexit. Zo weigert ze uitspraken te doen over de dreiging van Trump om uit het Parijsakkoord te stappen. Aan de andere kant staat Emmanuel Macron, die direct na zijn verkiezing pal voor het klimaatakkoord ging staan en dat aan Trump liet weten. Hij moet het echter nog wel waarmaken.

Wat is er tijdens die voorbereidende G7-meetings gebeurd?

De bijeenkomst van energieministers verliep uitzonderlijk. Normaalgesproken worden alle G7-bijeenkomsten met een gezamenlijke verklaring afgesloten. In dat document staan de conclusies waar de ministers of regeringsleiders het over eens zijn geworden. Worden de zeven landen het over een onderwerp niet eens, dan wordt het simpelweg uit de tekst gelaten.

De energieministers konden het niet eens worden over klimaat. Geheel tegen het gebruik in werd vervolgens onder druk van Italië, Frankrijk en Duitsland besloten om in het geheel af te zien van zo’n gezamenlijke verklaring.

Waarom is het überhaupt belangrijk wat de G7 op dit onderwerp zegt?

De G7 is een barometer als het om internationale klimaatonderhandelingen gaat. Het loopt vaak net iets op de zaken vooruit.

Neem de G8 in 2009 (Rusland mocht nog aan tafel) toen er voor het eerst in een internationale tekst een verwijzing naar de tweegradengrens werd opgenomen. Die is nu niet meer weg te denken. Of de G7 in 2015 toen landen zich voor het eerst internationaal committeerden aan het beëindigen van fossiele subsidies.

Kortom, een zwakke gezamenlijke verklaring van de G7 (of erger nog, één met toezeggingen aan de VS) op het klimaatakkoord, zou een slecht internationaal teken zijn. Geen gezamenlijke verklaring en ook geen aparte toezegging van de G6, is echter ook geen krachtig teken. Het zal speculaties voeden over het ontbreken van eensgezindheid onder de andere zes landen.

En extra twijfel daar zit niemand op te wachten. Behalve notoire achterblijvers zoals Saoedi-Arabië, Rusland en Turkije. Hen zou het weleens de wind in de rug kunnen geven tijdens die ander belangrijke internationale top die in juli plaatsvindt: de G20.