NOS-correspondent Bram Vermeulen interviewt migranten die terugkomen uit Libië
NOS-correspondent Bram Vermeulen interviewt migranten die terugkomen uit Libië

Hoe bouw je een nieuw leven op als je in Libië hebt vastgezeten?

Europarlementariër Judith Sargentini blogt vanaf de EU-Afrikatop in Abidjan, Ivoorkust. 

Ze heet Rita en ze is duidelijk goed opgeleid. Ze heeft uitstraling, maar er is iets niet helemaal in orde met haar. Dat is ook wel te verklaren als je een paar maanden gevangen hebt gezeten in Libië. 

Ik ben op bezoek bij de International Organization for Migration (IOM) in Abidjan. Met geld van Europa worden migranten uit gevangenissen in Libië teruggehaald naar Ivoorkust, waar ze drie maanden hulp krijgen om hun leven weer op de rails te krijgen. Rita is vorige week aangekomen en wil niet echt in details treden over wat er met haar is gebeurd. 

Ze heeft een bachelor gehaald in Ivoorkust, maar had niet het idee dat haar kansen daar lagen. Ze vond een baan in een callcenter Tunis, Tunesië, maar raakte in de problemen vanwege boetes rondom verblijfsvergunningen. Ze ging haar geluk verderop proberen en wilde via Libië naar Italië reizen. Dat lukte niet en ze werd in Libië gevangengenomen.

'Gevangenis'

Ik kijk naar een trotse maar gebroken vrouw, die niet weet wat ze moet doen nu ze weer terug bij af in Ivoorkust is. Ze is een woordvoerder van een groepje van acht jonge mannen en vrouwen die elkaar in de ‘gevangenis’ van de Libische stad Zuara leerden kennen. 

Er is een meisje bij met een peutertje. Haar man was vooruit gereisd en is nu in Italië. Ze heeft sporadisch contact met hem, maar ze weet niet wat ze moet doen. Ze fluistert tegen me dat zij en haar dochter mal à la tête zijn na een half jaar in detentie.

En zo is er een vrouw die zegt wees te zijn en in Tunis werkte als kapster. En vier vrij zwijgzame jongemannen waarvan een zegt dat hij niet onder woorden kan brengen wat hem overkomen is. 

Opgelucht, maar niet blij

In september van dit jaar was ik ook op bezoek bij het IOM, maar dan in Tunis en ook daar sprak ik jonge mensen uit Ivoorkust. Ik durf echt niet naar hun details te vragen over hun tijd in detentie in Libië. Ze zijn opgelucht, maar tegelijkertijd niet blij dat ze thuis zijn. Ze hadden beloofd dat ze zouden maken in het buitenland. En nu kunnen ze vaak helemaal niet terug naar familie want ze schamen zich of ze zijn niet gewenst. Er is in hun reis geïnvesteerd, maar het leverde niets op.

Het Europees noodfonds voor Afrika betaalt voor de re-integratie van dit soort groepen mensen in Ivoorkust. Vooralsnog worden er 550 mensen die uit een Afrikaans land - lees Libië - terugkeren geholpen en 200 die uit Europa terugkeren. En daar zit ‘m de crux. Het Noodfonds moet de weg bereiden voor grootschalige terugkeer van migranten uit Europa naar landen in West-Afrika. Hulp voor slachtoffers uit Libië is een manier om in gesprek te raken met de autoriteiten in Ivoorkust. 

Oorzaak

Natuurlijk moeten we mensen ontmoedigen om illegaal te migreren en natuurlijk verdienen ze hulp bij terugkeer en natuurlijk moeten mensen zonder verblijfsrecht terug naar huis, maar waar blijft de aandacht voor de reden, voor de oorzaak van de reis van Rita?

De Europese ministers staan voor paal op de EU-Afrikatop in Abidjan. Ze snappen nog steeds niet dat we niet meer de eisende partij zijn. Ja, we zijn kampioen ontwikkelingshulp in de wereld, maar de giften van de migranten terug naar huis leveren zoveel meer op. Afrika weet dat. Rita weet dat, maar ze is zo getroebleerd dat zij het er waarschijnlijk niet meer op waagt.