Magere deal EU-emissiehandel bewijst noodzaak nationaal klimaatbeleid

“Angst voor verandering, gebrek aan durf bij politici en een industrie die verslaafd is aan gratis uitstootrechten. Dat zit een echte hervorming van het Europese emissiehandelssysteem in de weg”, concludeert Europarlementariër Bas Eickhout na een zware politieke strijd, die tot donderdagochtend 4 uur duurde.

Vanaf woensdagavond onderhandelde Eickhout namens de Europese Groenen met EU-lidstaten om het ETS-systeem te vebeteren. De uitkomst is dat het Europese emissiehandelssysteem een Europese minimumprijs zal garanderen die hoger is dan de extreem lage 6 euro per ton CO2 van nu. Dat is volgens Eickhout echter bij lange na niet genoeg om de omslag te brengen die het klimaatakkoord van Parijs vereist. Extra Europees en nationaal beleid is daarom noodzakelijk. En dat kan.

ETS verzorgt straks – de nieuwe regels zullen gaan gelden voor de periode 2021-2030 – een degelijke Europese bodem. Het zorgt ervoor dat de grootste dwarsliggers, zoals Polen, niet stil kunnen staan. Additioneel beleid is echter noodzakelijk als we de doelstellingen van het Parijsakkoord in zicht willen krijgen. Denk bijvoorbeeld aan ambitieuze bindende nationale doelstellingen voor energiebesparing en duurzame energie, een onderwerp die ook op de Europese politieke agenda staan. “Het is enorm teleurstellend dat de Nederlandse regering dat lijkt te laten lopen”, aldus Eickhout.

De Urgenda-rechtszaak maakte glashelder dat de tijd van verschuilen achter wat de EU besluit, voorbij is. “Landen zijn nu volledig vrij om verder te gaan dan de minimumregels die de EU afspreekt, zo kunnen we in Nederland per direct een minimumprijs voor ETS-rechten invoeren”, aldus Eickhout. Onder de nieuwe regels wordt het ook mogelijk voor landen om rechten te schrappen zodra ze bijvoorbeeld een energiecentrale sluiten. “Dat neemt het laatste excuus weg van Nederlandse politici die onze kolencentrales langer open willen houden.” 

Meest in het oog springende onderdelen uit de deal:

  • Een hogere jaarlijkse afname in de totale hoeveelheid emissierechten (echter nog steeds niet in lijn met doelstelling uit Kyotoprotocol, laat staan Parijsakkoord).
  • Snellere opname van het enorme overschot aan emissierechten in een 'reservefonds'.
  • Extra gratis emissierechten (ten koste van de hoeveelheid geveilde rechten) voor industrie in geval er een tekort is.
  • Toename in middelen onder innovatiefonds voor ontwikkeling en toepassing van doorbraaktechnologieën.
  • Geld dat beschikbaar wordt gesteld onder ETS voor modernisatie van de energiesector in armere lidstaten mag onder geen voorwaarde naar investeringen in kolen gaan. Met uitzondering, onder voorwaarden, voor de twee armste lidstaten: Roemenië en Bulgarije.